maart

Zaaien:

  • Lathyrus kan nu in de vollegrond gezaaid worden. Plaats een drietal tonkinstokken van ca. 1,50 cm en zaai aan de voet daarvan een drietal voorgeweekte lathyruszaden. Grond eerst goed losmaken en er wat rijke compost doorheen werken; mulchlaag aanbrengen.
  • Winterharde eenjarigen kunnen nu ter plekke gezaaid worden. Zie de zaaikalender HHA.
  • Binnen gezaaide zaadsoorten moeten nu afgehard worden door ze stukje bij beetje aan de normale omstandigheden te laten wennen. Afharden doe je door bijvoorbeeld het ruitje van de koude bak of alternatieve koude bak op een kiertje zetten en Door de alternatieve koude bak in een koelere ruimte te zetten.
  • Bescherm bij vorst de onder glas gekweekte vorstgevoelige planten door een dek op de koude bak te leggen en bij gebruik van de alternatieve koude bak, deze voor een nachtje binnen te zetten.
  • Ter plekke gezaaide en reeds ontkiemde vorstgevoelige zaaisels afdekken door er bijvoorbeeld vliesdoek op te leggen gedurende de nacht en de vroege ochtend. Betreft het een enkele plant, dan kun je er ook een bloempot op zijn kop overheen plaatsen of - op zijn netjes - een cloche natuurlijk ;o)
  • Zodra de kans op vorst geweken is kunnen de binnen overwinterde zaaibegonia's buiten uitgeplant worden. In het zuiden van het land kan dat al aan het eind van de maand; in het noorden pas half volgende maand.
  • zaaien in de koude bak of alternatieve koude bak

Zaden:

  • naar mijn zadenlijst om te kijken of er nog iets leuks voor je tussen zit.

Vermeerderen vegatief: stekken/delen:

    Leg heesters af door takken naar de grond af te buigen en een kleine beschadiging aan te brengen aan dat deel van de tak dat de grond raakt. Eventueel stekpoeder gebruiken. Planten die hiervoor geschikt zijn, zijn Forsythia, Hydrangea en Jasmijn.
    Vaste planten: Deel grote pollen en pot wat kleine delen op of zet ze elders in de tuin uit.
  • Vaste planten: Vermeerderen van grondscheuten als deze 8-10 cm. lang/groot zijn van bijv. Achillia (Duizenblad), Anthemis (Gele Kamille), Delphinium (Ridderspoor), Gipsophilia (Gipskruid), Lupine, Aconitum (Monnikskap) en Inula (Alant)
  • Ook zijn er vaste planten die stekken met wortel leveren, voorbeelden zijn Chrysanten, Asters, Campanula, Sedum en Lupine. Oppotten of uitplanten elders in de tuin of bij de plant om mooie grote groepen te krijgen.
  • Grote pollen delen. Te herkennen aan het dode hart van de plant en de jonge frisse scheuten rondom. Scheuten er met een scherpe spade vanaf steken en deze opnieuw uitplanten; oppotten of elders in de tuin uitplanten. Rest van de plant kan klein gestoken op de composthoop.
  • Dahlia's stekken wanneer de scheuten ongeveer 8-10 cm. groot zijn. Dopen in stekpoeder en oppotten en in en plastic zak bij een temperatuur van 10-13°C wortel laten zetten. In de vroege zomer uitplanten op de plek van bestemming.
  • Groenten: zaaibedden klaarmaken voor wintergroente zoals spruiten, winterbloemkool, winterkool, brocoli en boerenkool
  • Groenten: binnen gezaaide groenten afharden
  • Groenten: binnen zaaien van sla, kool, bloemkool
  • Groenten: ter plekke zaaien van sla, andijvie, radijs, sla, uit, erwten, tuinbonen, spinazie, kool, knolraap en bietjes
  • Groenten: Jonge in de tuin uitgeplante planten bescherming bieden; het kan zo nu en dan nog vriezen!
  • Groenten: geulen maken voor de pronkbonen
  • Kruiden. Zaai winterharde kruiden zoals kervel, dille, venkel, bieslook, marjolein, koriander en peterselie.

Snoeien:

    Struikrozen; eerste gedeelte van de maand in de zuidelijke provincies; woon je noordelijk, dan kun je het beter in de derde of vierde week van maart doen. Tenminste… zo was het tot vorig jaar het geval. Nu met die abnormale temperaturen die niet-winter weet ook ik het niet meer. Wat ik wel weet is dat vorst behoorlijke schade aan kan brengen aan pas gesnoeide takken. Ze vriezen dan behoorlijk in en dat zou zonde zijn nietwaar. Zelf dus een beetje inschatten wat wijsheid is en anders op kwetsbare dagen vliesdoek er overheen.
  • Heesterrozen
  • Wilg (Salix) en Kornoelje (Cornus) die als sierwaarde de takken hebben.
  • Laatbloeiende (na juni) Clematis
  • Vlinderstruik (Buddleja); doen wij altijd derde week van maart als de kans op vorst steeds minder wordt. Zuidelijk gelegen provincies kunnen dat in de eerste of tweede week van maart doen.
  • Als de klimrozen niet in september gesnoeid zijn, dan is het nu nog mogelijk dat te doen.
  • Kamperfoelie (Lonicera)
  • Klimop (Hedera)
  • Winterjasmijn (Jasminium nudiflorum)
  • Kleinfruit: snoei kruisbessen

Bemesten:

    Bomen en struiken. Mulchlaag van goed verteerde stalmest of champost aanbrengen onder bomen en struiken om de vorming van onkruid tegen te gaan en de vochtige bodem (bewateren als hij te droog is bij aanvang werkzaamheden) te behouden en verdamping tegen te gaan.
  • Winterheide bemesten met stikstofrijke meststof
  • Vaste planten: Bemesten tussen de planten door een mulchlaag aan te brengen van verteerde stalmest. Champost is ook heel geschikt, maar hou er wel rekening mee dat daar kalk in zit en er zijn planten die niet van kalk houden.
  • Gazon. Eind van de maand (voor het zuiden van het land) en half volgende maand het gras bemesten (als de groei zich goed inzet).
  • Moestuin bemesten met goed verteerde stalmest.
  • Fruitbomen en kleinfruit bemesten met kalium; dit is een kalkrijke meststof.
    Rozen bemesten met rozenmest.
  • Buxus:
    Voor zover dat in de vorige maand nog niet is gebeurd een gift van koemest- of kippenmestkorrels, bloed- en/of beendermeel. Rondom een mulchlaag aanbrengen van champion- of uitgewerkte paardenstalmest. Bij gebrekverschijnselen (vaalgroene tot gele kleur) een gift kieresiet of bitterzout. Te verkrijgen bij zaken zoals bijvoorbeeld de Welkoop. Oplossing van 10%.

Bloemen border (eenjarigen):

    Lathyrus kan nu in de vollegrond gezaaid worden. Plaats een drietal tonkinstokken van circa 1,50 cm en zaai aan de voet daarvan een drietal voorgeweekte lathyruszaden. Grond eerst goed losmaken en er wat rijke compost doorheen werken; mulchlaag aanbrengen.
  • Winterharde eenjarigen kunnen nu ter plekke gezaaid worden. Zie de zaaikalender HHA.
  • Maak zaaivakken klaar voor mooie sterke combinaties. Zaaivakken kun je markeren door aan de randen uit een fles zilverzand in een patroon te strooien of door zaaicirkels te gebruiken.

Vaste planten borders:

    Oude plantendelen afknippen
  • Bemesten tussen de planten door een mulchlaag aan te brengen van verteerde stalmest. Champost is ook heel geschikt, maar hou er wel rekening mee dat daar kalk in zit en er zijn planten die niet van kalk houden.
  • Vermeerderen van grondscheuten van bijvoorbeeld Achillia (Duizenblad), Anthemis (Gele Kamille), Delphinium (Ridderspoor), Gipsophilia (Gipskruid), Lupine, Aconitum (Monnikskap) en Inula (Alant).
  • Ook zijn er vaste planten die stekken met wortel leveren, voorbeelden zijn Chrysanten, Asters, Campanula, Sedum en Lupine. Oppotten of uitplanten elders in de tuin of bij de plant om mooie grote groepen te krijgen.
  • Nieuwe planten kopen en planten; probeer mooie grote groepen te creëren; minimaal 3 planten per groep. Gaat dat teveel kosten, overweeg dan om zelf te gaan zaaien. Er zijn genoeg zaadsoorten die in het jaar van zaaien bloeien en die jaar op jaar planten zullen geven. Breng bemesting (bijvoorbeeld kippenmestkorrels) en een magere mulchlaag aan of voeg champost of goed verteerde (paarde-)stalmest aan. Denk eraan dat in champost (championmest) ook kalk zit en niet alle planten tegen kalk kunnen.
  • Grote pollen delen. Te herkennen aan het dode hart van de plant en de jonge frisse scheuten rondom. Scheuten er met een scherpe spade vanaf steken en deze nieuw uitplanten. Rest van de plant kan klein gestoken op de composthoop.
    Pas op voor slakken bij de tere scheuten van vooral de hosta, kruiskruid (ligularia) en de ridderspoor (delphinium).

Bomen en struiken:

    Verplant de laatste bomen en struiken
  • Mulchlaag van goed verteerde stalmest of champost aanbrengen onder bomen en struiken om de vorming van onkruid tegen te gaan en de vochtige bodem (bewateren als hij te droog is bij aanvang werkzaamheden) te behouden en verdamping tegen te gaan.
  • Wintergroene heesters verplanten; probeer zo'n groot mogelijke kluit te behouden zodat de wortels niet beschadigd worden.
  • Winterheide bemesten met stikstofrijke meststof
  • Plant de laatste bomen en heesters met kale wortels.
  • Plant de laatste hagen met kale wortels
  • Haal dood en ziek hout uit bomen, heesters en rozen

Rozen:

    Dood hout verwijderen
  • Struikrozen snoeien
  • Heesterrozen snoeien.
  • Klimrozen snoeien voor zover dat nog niet in september gebeurd is.

Terras:

    Verpot als dat nodig is de winterharde op het terras achtergebleven planten, zoals bijvoorbeeld conifeer, buxus, brem, ….
    Breng aan het einde van de maand langzaam werkende mestkorrels aan bij niet vorstgevoelige planten die op het terras zijn komen te staan.
  • Potplanten verpotten.
  • Sfeerbakjes maken door bijvoorbeeld lage tulpjes of lage narcissen (Tet a tetjes) in bakjes te zetten. Violen doen het ook altijd goed.

Kuipplanten:

    Op zonnige dagen de ruimte waarin de kuipplanten opgeslagen staan luchten door de ramen tegen elkaar open te zetten.
  • Controleer op witte vlieg, luis en schimmel; eventueel behandelen. Het werkt goed door de aangetaste plant goed af te spoelen en hem op een zonnige dag buiten te zetten.
  • Fuchsia
  • Tweedia
  • Eccemocarpus
  • Oleander
  • Solanum jaminoides
  • Laurier
  • Bourgainvillea
  • Vetplanten

Gazon:

    Gras groeit bij 10°C en dus moet er vanaf nu weer regelmatig gemaaid worden.
  • Kantjes bij planten en struikenborders afsteken
  • Eind van de maand (voor het zuiden van het land) en half volgende maand het gras bemesten (als de groei zich goed inzet).
  • Verticuteren (kammen) van het gras om oude grasdelen en mos te verwijderen. Pas op dat je het mos niet over niet 'gezonde' gedeeltes kamt ('besmetting') en de resten tijding opneemt en in de kruiwagen gooit.
  • Als de temperatuur voldoende hoog is (minimaal 10°C) kun je nieuw gras inzaaien of kale plekken behandelen.

Bollen en knollen:

    Dahlia's stekken wanneer de scheuten ongeveer 8-10 cm. groot zijn. Dopen in stekpoeder en oppotten en in en plastic zak bij een temperatuur van 10-13°C wortel laten zetten. In de vroege zomer uitplanten op de plek van bestemming.
  • Dahliaknollen voortrekken voor vroege bloei.
  • Narcissen. Zodra deze uitgebloeid zijn knoppen verwijderen om zaadvorming tegen te gaan en de groei van de bol te stimuleren. Narcissen hoeven niet te worden gerooid en kunnen blijven zitten. Wil je ze toch verplaatsen dan kan dat als het loof afgestorven is (medio april/mei).
  • Zomerbloeiende bollen: planten zoals bijvoorbeeld de gladiool, tijgerbloem (tigridia) en ananasplant (eucomis).
  • Canna's voortrekken.
  • Begonia's voortrekken

Moestuin:

    Groenten: zaaibedden klaarmaken voor wintergroente zoals spruiten, winterbloemkool, winterkool, broccoli en boerenkool
  • Groenten: binnen gezaaide groenten afharden
  • Groenten: binnen zaaien van sla, kool, bloemkoop
  • Groenten: ter plekke zaaien van sla, andijvie, radijs, sla, uit, erwten, tuinbonen, spinazie, kool, knolraap en bietjes
  • Groenten: Jonge in de tuin uitgeplante planten bescherming bieden; het kan zo nu en dan nog vriezen!
  • Groenten: geulen maken voor de pronkbonen
  • Kruiden. Zaai winterharde kruiden zoals kervel, dille, venkel, bieslook, marjolein, koriander en peterselie.
  • Kruiden. Grote pollen bieslook scheuren

Fruittuin:

    Plant de laatste fruitbomen en struiken
  • Aardbeien: wij hebben vorig jaar een aantal aardbeienplanten op een pot Ø35 gezet en die in de kweekkas gezet met een schotel eronder zodat hij voldoende vocht tot zich kon nemen. Is een groot succes geworden doordat we heel vroeg aardbeien konden plukken. Door de rijke vocht toediening waren ze lekker sappig.
  • Bescherm appels en peren tegen schurft; daarvoor moeten de bloemknoppen gesloten zijn; tweede sproeibeurt na ongeveer 3 weken. Bloemknoppen mogen niet open zijn.
    Bescherm fruitbomen tegen schimmels en algen door er fruitbomencarboleum op te spuiten. Doe dat op een windstille halfbewolkte dat (dus niet in de volle zon) en scherm eventuele planten of gras af.
  • Bescherm peren tegen peregalmug. Dat doe je door te spuiten met een stof op basis van pyrethrum.
  • Bind bramen aan; snoei daartoe eerst de oude scheuten van vorig jaar tot de grond af en bind de nieuw gevormde schuit horizontaal aan.
  • Boomspiegel vrij maken van onkruid en er een flinke laag verteerde stalmest op aanbrengen
  • Controleer de boompalen of ze nog functioneren en de band niet te strak zit.
  • Fruitbomen en kleinfruit bemesten met kalium; dit is een kalkrijke meststof.
  • Fruitbomen: buig te recht omhoog gevormde takken door er een steen of iets dergelijks aan te binden. Horizontale takken krijgen een rijkere vruchtzetting.
  • Fruitbomen eventueel nog snoeien.
  • Perziken, nectarines en kersen zijn vroege bloeiers. Dus is de kans dat ze te lijden hebben van vorst zeer aanwezig. Probeer de schade te beperken Door vliesdoek over de boom te gooien (als je nog jonge boompjes hebt). Is dat niet het geval dan rest alleen maar te duimen.
  • Fruitbomen controleren op voldoende vocht. Anders gieten.

Vijver:

    Verwijder blad voor zover dat nog niet is gebeurd
  • Verwijder de oude plantedelen bij moerasplanten
  • Deel indien nodig het moeras opnieuw in
  • Controleer de mandjes of zij nog gevuld zijn. Vooral met vissen (karperachtigen zoals goudvissen) in de vijver mag het mandje wel eens leeg gewoeld zijn.
  • Planten die uit hun krachten lijken te zijn gegroeid, verplanten in een groter mandje of de kluit verkleinen en de plantdelen opnieuw uitplanten.
  • Verwijder woekerende planten
  • Verplaats te hoog geworden planten naar achteren of naar een geschikter plek
    Indien gebruikt kan nu de dompelpomp weer in de vijver.

  • Bij vissen in de vijver: deze kunnen nu weer matig worden gevoerd. Let op: alle teveel gestrooide voer (dat niet direct opgegeten wordt) brengt voeding in de vijver dat weer omgezet wordt tot alg. En daar zitten we niet op te wachten: oppassen dus!

Beschermen:

    Slakken tijdig bestrijden. Kijk bijvoorbeeld goed onder potten en tussen binnen en overpotten.
  • Bescherm appels en peren tegen schurft Door met 'Euparen M' van Bayer te spuiten; daarvoor moeten de bloemknoppen gesloten zijn; tweede sproeibeurt na ongeveer 3 weken. Let op: bloemknoppen mogen niet open zijn.
    Bescherm peren tegen peregalmug. Dat doe je door te spuiten met een stof op basis van pyrethrum (Pyrethrum Bayer).
  • Bescherm fruitbomen tegen schimmels en algen door er fruitbomencarboleum op te spuiten. Doe dat op een windstille halfbewolkte dat (dus niet in de volle zon) en scherm eventuele planten of gras af.