Zaaien
Zaaien... ieder doet dat op zijn of haar
eigen manier. De meesten beginnen met de adviezen vanuit een
boekje of het internet. Zo ben ook ik ooit begonnen.
Bij het maken van deze pagina moest ik
een afweging maken tussen het herhalen van datgene dat in de
boekjes en op diverse sites staat of mijn eigen zaaimethode
beschrijven.
Ik denk zelf dat men het meeste heeft aan
de laatste optie. Natuurlijk heeft ieder de keuze het op de
traditionele manier, de eigen manier of misschien ook mijn manier
(of onderdelen daarvan) te doen.
Gecontroleerd zaaien
Gecontroleerd zaaien is het zaaien in potjes
of het zaaien in zakjes en het proces volgen tot je de planten
voldoende doorgeworteld opgekweekt hebt om ze in de tuin uit
te planten.
Mijn manier is het zaaien in plastic potjes van 10 x 10 cm.
Niet omdat dat een wet is of zo, maar gewoon omdat ik dat het
prettigst vind. In alles dat ik hieronder beschrijf ga ik daar
vanuit.
Ook eenjarigen zaai ik meestal in potjes,
ook soms de soorten die erom bekend staan niet tegen verplanten
te kunnen (die met een penwortel, zoals bijvoorbeeld de papaver), die krijgen van mij een eigen
potje van waaruit ik ze in de tuin uitplant.
Welke zaaigrond
In de eerste plaats kun je bij het tuincentrum
kant-en-klare zaai- en stekgrond kopen, zeker als je maar een
aantal zaadsoorten gaat zaaien.
Maar soms komt het voor dat je geen zaaigrond
voorhanden hebt en toch graag zaaien wilt. Of dat je net als
ik grote hoeveelheden zaden wilt gaan zaaien. Dan kun je kiezen
om de zaaigrond zelf gaan maken.
Hier is het 'recept' dat mij
het best voldoet:
In de eerste plaats moet het aan een aantal
voorwaarden voldoen: het moet luchtig, voldoende maar niet tè
vochtig, vocht vasthoudend en vrij van beestjes, grove delen
en schimmels zijn. De verhouding van mijn zaaigrond is 2 delen
gezeefde cocopeat (of als je dat niet hebt turfstrooisel) en
2 delen grofkorrelig zand (brekerzand, guszand, dat is zand
waarmee vloeren gesmeerd worden en te koop bij de bouwmaterialenhandel).
Om het geheel nog luchtiger te maken kun
je er ook nog een deeltje perliet, vermiculiet of piepschuimkorrels
(die je voor het (bij)vullen van kussens kopen kunt), doorheen
doen.
Het zand dat je bij de bouwmaterialenhandel
koopt moet eerst goed gewassen worden. Dat doe je door een emmer
voor de helft te vullen met zand en vervolgens de kraan er boven
aan de zetten en al rustigjes roerende de emmer te laten overstromen
tot het water helder is.
Vermiculiet is een mineraal dat gebruikt
wordt als isolatielaag bij de openhaardenbouw. Voor de aanschaf
moet je het dus in die richting zoeken(bouwmaterialenhandel,
openhaardenbouw, ...).
Verontreinigde zaaigrond
Het best kun je altijd goede materialen
gebruiken. Schone potjes en schone, ongebruikte zaaigrond.
Het kan echter eens voorkomen dat je eerder gebruikte grond
weer wil benutten.
Als je het niet helemaal vertrouwt, dan
kun je eventuele ziektekiemen en zaden die erin zitten vernietigen
door het bakje gedurende een aantal minuten op de hoogste stand
in de magnetron te zetten.
Kiemschimmels
Dat komt het meest voor bij het binnen
voorzaaien. Oorzaken kunnen zijn:
- Gebruikte potjes of zaaibakjes gebruikt.
Potjes en bakjes kun je wel hergebruiken, maar dan moet je ze afgewassen hebben
in een teiltje water met een flinke scheut bleekwater.
- Oude (gebruikte) zaaigrond.
Je kunt oude zaaigrond wel hergebruiken als je dat wilt, maar ook hier moet je
wat maatregelen nemen door de grond zeven en de bak vervolgens voor een paar
minuten in de magnetron zetten.
- Zaaisel staat in een te vochtige omgeving.
Een 'fout' die veel wordt gemaakt en die voorkomen kan worden door je zaaigrond
niet tè nat te maken en het zakje, het deksel, het kasje, ... wat je ook hebt
gebruikt om in te zaaien, elke dag even open te zetten, zodat de lucht kan
circuleren. Bedenk dat de zaden slechts een licht vochtige omgeving nodig hebben
om te kunnen kiemen. Tè nat eindigt dikwijls in verrotte zaden of kiemschimmels
(wit laagje op de zaaiaarde en de zgn. omvalziekte (zie hieronder)
Ook bij het zaaien is het hygiënisch werken
belangrijk. De kiemplantjes beschadigen bij het steeltje en
vallen om, de zogenaamde omvalziekte (Pythium).

Als je daarvan last hebt kun je nevelen met een schimmelwerend
middel, zoals spuitzwavel of een opgelost tabletje Superol.
Dit laatste kun je bij de drogist of bij de apotheek kopen en
wordt verkocht om mee te kunnen gorgelen.
Beter is echter preventieve maatregelen
te nemen: zorg dat de zaaigrond niet te vochtig is en hou de
zaaibak niet helemaal afgesloten, zodat de lucht kan circuleren.
Waarin te zaaien
Ik zaai altijd in potjes van 10 x 10, maar
dat is uiteraard een persoonlijke smaak. Je kunt van alles gebruiken:
liter (ijs) bakken, bakjes van de afhaal-chinees, koffiebekers
(goed voor lathyrus, papavers en afrikaantjes), voorgevormde
potjes, zaaitrays, van die setjes waarin ze bij het tuincentrum
perkgoed in verkopen (2 x 8 of 2 x 10, lekker klein maatje is
mijn ervaring), ... eigenlijk teveel om op te noemen.
In de eerste drie soorten moet je wel onderin
de bak gaatjes maken waar het vocht opgezogen kan worden en
waar het water weg lopen kan.
Ik heb in het maart nummer van
Tuin & Co een leuke tip gelezen
van een lezeres die papieren zaaicontainers maakt van krantenpapier.
Daaraan dacht ik meteen bij het zaaien en opkweken van lathyrus.
Je hebt nodig: plastic drinkflesje, longdrinkglas of een spuitbus
die als mal kan dienen, bladzijden van krantenpapier driedubbelgevouwen
tot er een stevige strook van ca. 20 cm ontstaat en tuinaarde
om de koker mee te kunnen vullen.
Het werkt heel simpel: je rolt de strook om de mal en houdt
aan de onderzijde ongeveer 2 à 3 cm over. Die 2 à 3 cm vouw
je vervolgens om en drukt de onderzijde van de mal in de palm
van je hand of op de tafel en maakt een draaiende beweging.
Doel daarvan is dat de onderzijde goed in model blijft zitten.
Vervolgens schuif je de papieren koker van de mal en klaar is
klara (of kees ;-) ).

Vind je het leuk om dit in een filmpje te zien?
Ik heb er eentje op YouTube gezet
Het mooie van deze manier van zaaien en het materiaal is dat
je als de plant eenmaal voldoende ontwikkeld is en in de tuin
uitgeplant kan worden, je dat met koker en al kunt doen. Je
hoeft dan niet de wortels te verstoren.
Trouwens, je begrijpt dat deze methode niet alleen voor lathyrussen
geldt. Het lijkt me, maar dat moet ik nog even onderzoeken,
dat het ook een heel geschikte manier is om bijvoorbeeld papavers
voor te zaaien en andere zaadsoorten waarbij de penwortel niet
beschadigd mag worden (slaapmutsje, papaver, malvasoorten,
muurbloem, ...).
Zaaiklaar maken
Ik neem daar voor een stapelbox (maar een
diep dienblad of zo kan ook) en doe daar een laagje van 5 cm
lauwwarm water in. Ik vul de benodigde potjes met zaaigrond
en zet die potjes in de stapelbox zodat de potjes het water
op kunnen nemen. De potjes zijn voldoende vochtig als de bovenzijde
donker begint te kleuren. Het kan zijn dat je meerdere malen
water moet bijvullen (vooral als je net als ik 20 potjes tegelijk
voorbereid).
Het zaaien
Ik zaai afhankelijk van de grootte van
de kiemplant 1, 5, of 9 zaden per potje. Ik ga er vanuit dat
er zo 2 cm rondom de zaailing vrij moet zijn. Makkelijk is het als je alvast met
de top van je vinger kuiltjes maakt op de plek waar het zaadje moet komen. Ik werk graag
met een pincet om de zaden op de zaaigrond te leggen. Een pietepeuterig
werkje, dat wel, maar je weet dan tenminste wat je zaait en
vooral dat je niet te dik zaait. Want dat is dikwijls de grootste
fout die ieder maakt: veel te veel en te dicht op elkaar zaaien.
Gevolg is dat de plantjes zich niet goed kunnen ontwikkelen
en de kans op schimmels groter wordt. Ik gebruik altijd een stevig (120 grams of
zo) papiertje dat ik dubbel vouw. Zo hou ik controle over het aantal. Strooi je
gewoon uit het zakje, dan lijkt het al snel dat je veel te weinig zaait.
Wil je toch gewoon uit
het zakje zaaien, zorg dan altijd dat je dicht bij de zaaiaarde
strooit, zodat de zaden niet weg kunnen springen. Al naar gelang
het aantal planten ik wil, zaai ik in 1, 2 of 3 potjes dezelfde
soort zaden. Ook maakt het wat uit hoe kiemkrachtig het zaad
is (je moet dan wat meer zaaien dan het aantal planten dat je
voor ogen hebt).
Steeklabel
Je kunt daarvoor steeklabels in de winkel
kopen. Als je echter zoals ik heel veel zaait, dan wordt dat
een kostbare geschiedenis. Ik heb een oplossing gevonden door
verticale lamellen van plastic jaloezieën in strookjes van 2-3
cm te knippen en daarop met een watervaste viltstift te schrijven.
Gebruik geen stift die je ook voor cd-roms gebruikt, want die
zijn niet altijd te vertrouwen (ze verbleken soms of je veegt
de tekst er gemakkelijk vanaf). Ik gebruik een
Edding 400 permanent
marker en die houdt zich goed. Niets is zo hatelijk als je op
een gegeven moment eindelijk een kiemplantje ziet opkomen en
het label verbleekt is
Afronden zaaiwerk
Als alle potjes gevuld zijn en van een
label voorzien zet ik ze in de koudebak.
Heb je die niet, dan kun je daarvoor ook een
alternatieve koude bak(stapelbox)
gebruiken. Zet daarvoor alle potjes in de bak, laat ze zich
matig volzuigen met water, neem een transparant afdekplaatje
(glas, plastic, kunststof, ...) van iets groter dan de omtrek
van de bovenzijde stapelbox en leg deze op de box. Zet deze
vervolgens op een lichte plek (nooit in de volle zon) en zorg
dat de temperatuur voldoende hoog is (afhankelijk van de soorten
kiemplantjes die je erin hebt staan. Perkgoed heeft een hogere
temperatuur nodig dan bepaalde vaste planten). Zorg dat de potjes
altijd voldoende vochtig maar nooit nat zijn. Te droog is funest
voor je zaaisel, maar te nat eveneens.
Afharden
In de kas of kweekbak opgekweekte jonge
planten moeten voor ze aan de buitenlucht blootgesteld worden
langzaam wennen aan de temperatuur en weersomstandigheden buiten
de veilige omgeving van de kweekbak of alternatieve koudebak. Dat doe je door
gedoseerd (met enkele dagen tussenpose) de bescherming (glasplaatje, raam,
plasticzak, plastic deksel, ...) steeds meer open te zetten of weg te halen. Op
een gegeven moment ben je zover dat de hele bescherming eraf kan en de planten
voorbereid kunnen worden om in de tuin of op een kweekveld uitgeplant te worden.
Uitplanten in de tuin
Zelf opgekweekte planten kun je in de tuin uitplanten als
de aarde in de potjes waarin je ze hebt opgekweekt goed doorworteld is (dus dat de
plantjes veel worteltjes hebben gemaakt). Voor vaste planten en
tweejarigen is dat meestal zo omstreeks oktober
als de grond nog voldoende opgewarmd is om de plantjes nog te doen
aanslaan.
Als voorbereiding op het planten maak
je op de plek van bestemming een plantgat, giet daarin water zodat de grond goed
vochtig is, laat het water even wegtrekken, plant het plantje en ... heel
belangrijk, zet er het labeltje bij.
Waarom dat laatste? Het is niet
onwaarschijnlijk dat het een jaar duurt eer de plant bloeien gaat en zo
herkenbaar wordt. Niet zelden heb ik in het voorjaar tegen een plant aangekeken,
waarbij ik geenflauw idee meer had van wat het was. Simpelweg omdat ik a. geen
goed label had gebruikt of b. geen
goede stift had gebruikt om er de
naam mee op te schrijven.
Opgekweekte plantjes van eenjarigen kunnen
uitgeplant worden na ijsheiligen
(voor 2012 is dat 11-14 mei).
......
(wordt eventueel aangevuld met wat nog meer interessant kan
zijn.
Inbreng is welkom...)
|